Facebook Instagram Pinterest
Columns Nederlands

Mijn alien dubbelganger

Mijn huid glimt van het zweet. Mijn kleding plakt nat aan mijn lichaam vast. Zoals altijd ben ik te warm gekleed met de eerste warme dagen. Het is een wonder dat ik vandaag niet in mijn winterjas heb rondgelopen in Utrecht, terwijl het buiten 24 graden is. De zon schijnt nog steeds en ook hier in de stiltecoupe  is het broeierig en hangt er een walm van zweet.

Ik zit recht tegenover de glazen deur, die ons van de tussenruimte scheidt,  waar mijn reflectie in te zien is.  Daar zie ik dat mijn wangen glimmen en rood gloeien. Twee dunne spaghettislierten framen mijn gezicht, althans het was de bedoeling dat het gezellige plukjes haar werden die om mijn hoofd zouden waaien, want sinds wanneer zijn spaghettislierten flatteus. Mijn ogen zijn groot en stralen de zenuwen van deze dag nog volop uit. Mijn oren staan wat uit.
Hoe langer ik naar mij zelf kijk, hoe ongemakkelijker het wordt. Ik probeer weg te kijken. Me ergens anders op te focussen, maar we zitten in een geruisloze stiltecoupe zonder afleiding. En de pogingen tot telefoongesprekken  en andere geluiden worden meteen afgekapt door het mannelijk chagrijn dat zich hier schuilhoudt. Dus kijk ik al gauw voor me uit.

Mijn spiegelbeeld staart net zo hard terug en lijkt er net zo ongemakkelijk over als ik ben.  Over haar heen staan afgebroken zinnen met missende woorden uit gedichten, omdat er geen plek meer was op de deur. De missende woorden maken dat de gedichten onbegrijpelijk worden en geen afleiding vormen voor het gestaar door de deur heen.

En omdat er niets anders te doen is ga ik elke imperfectie bij mijzelf langs. Er komt steeds meer een afstand tussen mij en de reflectie waardoor ik het gevoel heb met een vreemde een staarwedstrijd  aan het houden ben, in plaats dat ik naar het spiegelbeeld van mijzelf staar.

De persoon lijkt van een andere planeet te komen. Ik stel me voor dat ze het moeilijk heeft met aanpassen aan het menselijk ras en ik geef haar geen ongelijk. Zelf begrijp ik er ook geen snars van en heb ik geen idee wat de norm is. Wat is normaal? Hoe moet je je gedragen in een grote groep mensen? Wat is wenselijk? Hoe begin je een gesprek? En nog belangrijker hoe hou je een gesprek gaande? Hoe maak je vrienden? En wat houdt het leven in? Misschien is dit allemaal heel diep, misschien heeft niemand echt een idee, maar zijn er gewoon mensen die het allemaal wat makkelijker afgaat.

De trein hobbelt en de alien in de deur hobbelt mee. Even valt ze weg wanneer iemand de deur open doet om aan de andere kant te komen. Ik probeer naar buiten te kijken, maar alles raast te snel voorbij, waardoor er een waas van kleuren ontstaat.

We komen aan in ’t Harde waar een bus op ons staat te wachten. De deur verschuift weer, maar nu stap ik er zelf door heen en laat de alien achter me.
“Dag alien, misschien tot de volgende keer.”


Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *